Pleitnotitie van de sportcommissarissen
inzake het door Marcel van Vliet ingestelde beroep
Geachte voorzitter en leden van het college van beroep
Tijdens het Marlboro Master-evenement op zondag 6 augustus, kwam wedstrijdleider Harry Splinter om 11.40 uur in begeleiding van rijder startnummer 1 Marcel van Vliet uit de Alfa 156-klasse naar ons en overhandigde ons zijn rapport (prod. 3), waaruit bleek dat van Vliet in de eerste ronde van de race bij het ingaan van de Tarzanbocht wagen no 3 (Uljee) heeft aangetikt, waardoor deze vele plaatsen verloor.
De wedstrijdleider had van Vliet meteen meegebracht naar de sportcommissarissen, omdat deze wenste tegen de beslissing van de wedstrijdleider protest aan te tekenen. Na ontvangst van het protestformulier hebben de sportcommissarissen zowel van Vliet als Uljee gehoord.
Van Vliet verklaarde: "ik ben het niet een met de door de wedstrijdleider opgelegde straf. Ik heb nooit de intentie gehad om Gaby van de baan te rijden. Ik rem later (op mijn rempunt). Gaby moest door voor haar rijdende auto's vrij vroeg remmen".
Gaby Uljee verklaarde:" Marcel van Vliet komt in begin van de Tarzanbocht bij mijn zijkant binnen. Ik wordt hierdoor van de baan gedrukt en komt op ca. de 15e plaats terecht. Vermoedelijk zag hij een gat, dat er niet was. Er was echt geen ruimte. Ik ben naar de wedstrijdleider gegaan, want bij de vorige race gebeurde hetzelfde. Ook toen is Marcel van Vliet toegesproken. Kennelijk met 0 resultaat".
Na het horen van de wedstrijdleider, Marcel van Vliet en Gaby Uljee en het bekijken van de door het circuit gemaakte videoopnames hebben de sportcommissarissen besloten het door van Vliet ingediende protest af te wijzen, waardoor de door de wedstrijdleider opgelegde tijdstraf van 30 sec. gehandhaafd blijft.
Motivatie: van Vliet heeft zich schuldig gemaakt aan overtreding van art. 2.2 van het Bijzonder Reglement Rijgedrag: "Onzorgvuldig rijgedrag met botsing tot gevolg. Iedere deelnemer moet altijd trachten een botsing met een andere deelnemer te voorkomen. De deelnemer die op grond van de race-situatie in de best positie verkeert om een botsing te voorkomen en hierin nalatig is, maakt zich schuldig aan onzorgvuldig c.q. onsportief rijgedrag ten op zichte van de andere deelnemers. De deelnemer die ten koste van een andere deelnemer een voorzienbaar risicovolle manoeuvre uitvoert en daardoor met andere deelnemers in botsing komt, maakt zich eveneens schuldig aan onsportief rijgedrag".
Van Vliet heeft binnen de hiervoor gestelde termijn om 15.50 uur ten overstaan van de sportcommissarissen de intentie te kennen gegeven tegen deze beslissing in beroep te gaan. De door van Vliet tegenover de wedstrijdleider kort na de race en het vernemen van de straf gemaakte opmerking hebben sportcommissarissen gezien als nog onder emotie en wellicht hoge adrenaline-peil gemaakt.
Van Vliet staat tegenwoordig bij de sportcommissarissen bekend als een in het algemeen correct optredende rijder met het race-hart op de juiste plek. Maar wat hij in de Tarzanbocht deed kon echt niet.
Namens het college van sportcommissarissen,
Wolf Berger, voorzitter, Leiden, 2000-08-30